Code – The Architect


Op grond van een recensie in OOR besluit ik in 1995 The Architect van Code te kopen; een plaat die uiteindelijk bovenaan mijn Top 10 van dat jaar terechtkomt. In die tijd plakken ze er het etiketje Progressive Elektro op. Op zich best passend. The Architect bevat echter ook een aantal ingetogen nummers. En juist die hebben de tand des tijds het best doorstaan. Het tweeluik Blind In The Darkness en Blind In The Sun is hier het mooiste voorbeeld van. Samen met Gentle Science en Bleak Moments. Het aan de single Criminals toegevoegde Weapon krijgt helaas geen plek op het album. Terwijl dat nummer, inclusief samples van de hydraulische loaders uit Aliens, kan tippen aan het beste van The Architect. Na deze release volgt een lange stilte. Het debuut van Code blijkt uiteindelijk een van de laatste releases van Third Mind Records te zijn. Na 12 jaar wordt het label van Tone Death Fanzine editor Gary Levermore opgeheven. Wellicht een van de redenen waarom de plaat in die tijd relatief weinig aandacht krijgt. Eens in de zoveel tijd zoek ik naar een teken van leven van Code, maar de band lijkt van de aardbodem verdwenen te zijn. Totdat er na 25 jaar stilte ineens nieuw werk wordt uitgebracht. Opnieuw in dezelfde samenstelling. Dus met Andrew Phillips, Darren Till, David Mitchell en Graham Cupples. Ghost Ship tapt uit hetzelfde vaatje als hun eerste plaat een kwart eeuw eerder, maar het wordt nergens meer zo spannend of verrassend als op dat debuut. Het is vooral een nostalgische trip naar hun Progressive Elektro uit de jaren 90, die er bij mij vooral voor zorgt dat ik The Architect weer met enige regelmaat beluister.

Kraftwerk – Remixes


Kraftwerk is tegenwoordig vooral bezig met het opnieuw uitbrengen van bestaand werk. In allerlei formaten. Soms leidt dat nog wel tot aangename verrassingen. Zoals de release van Der Katalog 3D. Een mooi aandenken voor iedereen die de afgelopen jaren een van hun concerten heeft bijgewoond. Een paar dagen geleden word ik getipt over een nieuw album van Kraftwerk op Spotify. Nou ja, nieuw. Het blijkt om een verzameling van remixes te gaan, die eerder al verschenen op diverse singles. Ook de versies van het nooit op een regulier album uitgebrachte Expo 2000 hebben er een plek op gevonden. Een handige verzamelaar dus voor degenen die de releases van al die singles gemist hebben. We moeten nog wel even wachten op een fysiek exemplaar. De plaat is op dit moment alleen via de digitale platforms te beluisteren. Een compositie in het bijzonder valt op. Non Stop. Een nog niet eerder uitgebrachte remix van Musique Non Stop. Oorspronkelijk afkomstig van het album Electric Cafe uit 1986. De reden voor het aanpassen van de titel zal vooral te maken hebben met het feit dat de compositie grondig verbouwd is. De melodielijn is in zijn geheel aangepast. Slechts de repeterende vocoder en de digitale percussie doen herinneren aan het origineel. Door de vertraging van het tempo wordt er een extra element van melancholie aan Non Stop toegevoegd. De gedigitaliseerde koortjes in de melodie dragen daar zeker aan bij. Het is een eerste teken van leven sinds het overlijden van Florian Schneider. Wellicht een verlaat eerbetoon aan hem? Hopelijk is het een opmaat naar nieuw werk.

Richard Barbieri – 20190323


Of je nu luistert naar Japan of Porcupine Tree. Altijd is de signatuur van toetsenist Richard Barbieri herkenbaar. Vanwege het atmosferische en filmische karakter. Ondersteunend, maar steeds een stempel drukkend op het geheel. Ook op de platen die hij solo of met Steve Jansen en Mick Karn maakt. Instrumentale muziek waarin hij Ambient, Jazz en Elektro ingenieus met elkaar combineert. Er doet zich niet vaak een gelegenheid voor om hem live aan het werk te zien. De Cacaofabriek in Helmond heeft hem echter weten te strikken voor een eenmalig optreden op het Europese vasteland. Op zijn recente platen werkt hij samen met Lisen Rylander Löve van Midaircondo. Ook vanavond is ze erbij. Ze ondersteunt het klankenpalet van Barbieri via saxofoon en met subtiele, percussieve elementen. Daarnaast stapelt ze Spoken Word en elektronisch vervormde zang met een delay in laagjes op elkaar. De nadruk ligt vanavond op het materiaal van Planets + Persona met nummers als Unholy, New Found Land en Solar Sea. Uiteraard brengt hij werk van Japan. Verrassend genoeg speelt hij The Experience Of Swimming. Afkomstig van de single Gentlemen Take Polaroids. Tussen de nummers door geeft Barbieri kleine inkijkjes in zijn leven als muzikant. Zo heeft hij de originele synthesizer meegenomen waarmee Ghosts is opgenomen. Hoogtepunt van de avond zijn de nummers die hij speelt van (Other) Worlds in a Small Room. Breaking The Silence en Toys illustreren namelijk het treffendst zijn muziek. Laat een beetje muziekkenner deze miniatuurtjes horen en hij weet meteen dat hij naar Richard Barbieri luistert. Na anderhalf uur zit het erop. Als toegift speelt hij nog Idiot Prayer van Porcupine Tree, om vervolgens definitief afscheid te nemen met het vriendelijke verzoek om gemaakte filmpjes niet op YouTube te plaatsen. Memorabel optreden.

Setlist:

  1. Night of the Hunter
  2. Solar Sea
  3. New Found Land
  4. Ghosts
  5. Toys
  6. Hypnotek
  7. The Experience of Swimming
  8. Breaking the Silence
  9. Hybrid
  10. Unholy
  11. Idiot Prayer

Ryuichi Sakamoto – Async Remodels


Het oog in oog staan met zijn eigen sterfelijkheid, leidt ruim een jaar geleden tot een van Ryuichi Sakamoto’s beste releases. Async. Treffend pianospel en mistige soundscapes, waarin minimalisme en melodie elkaar ontmoeten. Aangevuld met repetitieve elementen, die een voorzichtig ritme aangeven. De ideale basis voor een nieuwe verkenning. Artiesten waar Sakamoto al eerder mee heeft samengewerkt, herinterpreteren op Async Remodels zijn materiaal. Inclusief bijdragen van collega’s die hem al jaren bewonderen. Gelukkig trapt niemand in de op de loer liggende valkuil. Het teveel je eigen stempel drukken op het eindresultaat, met weinig tot geen respect voor het origineel. Ook is er geen sprake van dat middelmatig werk opnieuw opgepoetst moet worden, met als resultaat vaak onherkenbare remixes. De basis bestaat namelijk al uit briljante composities, die allemaal uitnodigen om opnieuw verkend te worden. Daar waar de oorsprong herkenbaar blijft, maar de artiesten met lef hun interpretatie positioneren als een extra laag, is Async Remodels op zijn best. Zo voegt Arca vocalen toe aan Async. De Electric Youth Remix van Andata verpakt de van origine al verslavende melodie in een pakkend jasje van synths en beats. Fennesz mengt zijn kenmerkende stijl van omgevingsruis met Solari. Alva Noto voorziet Disintegration van een extra hartslag. Opvallend is de bewerking van Solari door Jóhann Jóhannson. Het illustreert vooral hoe jammer het is dat het niet meer tot een collaboratie tussen hem en Sakamoto zal kunnen komen. Een van de hoogtepunten op de plaat is de Oneohtrix Point Never rework van Andata. Async Remodels is daarmee een mooie en welkome toevoeging geworden. Niet beter of slechter dan het origineel. Vooral anders en enorm spannend.

John Maus – 20180610


Op grond van de omschrijvingen op de website van Best Kept Secret voeg ik John Maus toe aan mijn timetable. Niet alleen omdat hij deel uit heeft gemaakt van de band van Ariel Pink, maar ook omdat hij omschreven wordt als een componist met een voorliefde voor vintage synthesizers en Elektro. Na het releasen van een aantal bootlegs, brengt hij twaalf jaar geleden zijn eerste plaat uit. Pas met zijn derde release We Must Become the Pitiless Censors of Ourselves weet hij enige bekendheid te genereren. Vanaf de eerste minuut dat hij op het podium staat, doet Maus me denken aan Ian Curtis van Joy Division. Versie 2.0. Vanwege zijn hysterische bewegingen, die in het begin enorm afleiden. Het blijkt echter dat zijn optredens altijd zo intens zijn. De muziek lijkt vanuit de donkerste krochten van zijn ziel te komen. Klinkend alsof het in de grotten van Valkenburg is opgenomen. Het creëert een typische sfeer, waarbij het daglicht vooral storend is. Met een ietwat chaotische blik, kijkt hij het publiek aan. Op een vreemde manier ervoor zorgend dat we blijven staan. Ons zijn universum intrekkend. Er komen zelfs steeds meer mensen de tent in. Maus zegt niets. Hij laat de muziek spreken. Gedurende het gehele concert vallen de klanken van de synthesizers op. Simpele door merg en been gaande akkoorden en bombastische klanktapijten wisselen elkaar af. Ze geven vorm aan respectievelijk Bennington en The Combine. Hoogtepunt is het macabere Do Your Best. Tevens een moment dat Maus even tot rust komt. Met een donkere stem verhaalt hij over het eenzame leven in de stad. Na ruim drie kwartier is het concert ineens afgelopen. Het lijkt zelfs zijn band te verrassen. Op een eigenaardige manier perfect passend bij dit optreden, dat een enorme indruk op me heeft achtergelaten.

Setlist:

  1. Castles in the Grave
  2. The Combine
  3. Maniac
  4. Pure Rockets
  5. Streetlight
  6. …And The Rain
  7. Cop Killer
  8. We Can Breakthrough
  9. Bennington
  10. All Aboard
  11. Outer Space
  12. Don’t Worship The Devil
  13. Touchdown
  14. Pets
  15. Do Your Best
  16. Rights For Gays