David Bowie – Tryin’ To Get To Heaven


Vijf jaar geleden vierde David Bowie zijn laatste verjaardag. Vandaag zou hij 74 zijn geworden. Om dat te gedenken, is er een nieuwe single van hem gereleased met daarop twee covers. De eerste is Mother. Een nummer van John Lennon. Met Jordan Rudess van Dream Theater op piano. Oorspronkelijk afkomstig van het album Plastic Ono Band uit 1970. Bowie nam het in 1998 op met producer Tony Visconti voor een tribute album dat nooit verschenen is. Deze met modernere technieken opgenomen versie, illustreert nog maar eens hoe jammer het is dat John Lennon in 1980 de mogelijkheid is ontnomen om zijn muzikale carrière een vervolg te geven. Wat had ik graag nog muziek van hem gehoord, opgenomen in het digitale tijdperk. Het tweede nummer betreft Tryin’ To Get To Heaven van Bob Dylan’s Time Out Of Mind. Ook in 1998 opgenomen. Ten tijde van de sessies voor het LiveAndWell.com album. Deze plaat was toen alleen verkrijgbaar voor de leden van BowieNet en is daardoor nooit officieel gereleased. In december werd overigens aangekondigd dat dit album alsnog dit jaar zal worden uitgebracht. Van beide opnames valt de cover van Bob Dylan bij mij het meest in de smaak. Omdat het het origineel overtreft, wat vooral te maken heeft met het in de loop der jaren aftakelen van Dylan’s stem. Tryin’ To Get To Heaven beluisteren met de vocalen van David Bowie is een verademing. Het gitaarwerk van Reeves Gabrels, die hem eerder vergezelde in Tin Machine, zorgt bovendien voor extra pit. Beide nummers zijn vandaag uitgebracht op vinyl en tevens verkrijgbaar via de digitale kanalen.

Zala Kralj & Gašper Šantl – Sebi


Ik heb niet zoveel met het songfestival. Vroeger was dat anders. Dan gingen we met zijn allen voor de buis zitten om alle liedjes te bekijken. Inclusief een eigen jurering op papier. Gevolgd door de immer spannende puntentelling. Als ik muzikaal volwassen word, verdwijnt de interesse. Totdat ik haar ontmoet. Zij houdt de traditie in ere. Met als gevolg dat we altijd naar het songfestival kijken. Tijdens de liedjes neem ik meestal de vrijheid om mijn recente muzikale aanwinsten te beluisteren. Soms onderbreekt ze me omdat ze een nummer hoort dat ik wellicht kan waarderen. Afgelopen jaren vielen daardoor Satellites van Lena en City Lights van Blanche op. Als alle liedjes geweest zijn, leg ik de koptelefoon weg en luister ik naar de snelle samenvatting. Vervolgens kijken we samen naar de ontknoping. Dit jaar zitten we in een hotel. Een weekendje fietsen. Van begin tot eind zit ik dit keer het fenomeen uit. Uiteindelijk is er slechts een nummer dat mij positief en aangenaam verrast. Sebi van Zala Kralj & Gašper Šantl. Namens Slovenië. Geen enorme vocale uithalen. Geen spetterende outfits. Geen verbluffende visuele effecten. Gewoon een jongen en een meisje die tegenover elkaar staan. Hij met een gitaar. Zij achter een keyboard, waarmee ze de subtiele elektronische beats bedient. Waarschijnlijk allemaal slechts voor de pose, want alleen de zang lijkt live te zijn. Minimalistisch in beeld gebracht. De compositie staat centraal. Ze zijn een van de weinigen die in hun moedertaal zingen. Als ik een dag later thuiskom, besluit ik het nummer te downloaden. Al gauw vind ik ook de officiële videoclip. Opnieuw maakt het nummer indruk. Vanwege de minimale aankleding, de introverte zang en de soundscapes die een mooi fundament leggen.

Chantal Acda – You Live Inside My Heart


Chantal Acda ontdek ik als zij samen met Adam Wiltzie onder de naam Sleepingdog het mooie With Our Heads In The Clouds uitbrengt. Niet veel later zal ik ze ook zien optreden in het Cultuurcentrum te Mechelen. Sinds die tijd blijf ik haar met meer dan gemiddelde interesse volgen. Zo ontdek ik het uitstapje Nu Nog Even Niet. Een jaar voor de release van haar eerste solo-album. Latere platen The Sparkle In Our Flaws en Bounce Back eindigen hoog in mijn eindejaarslijstjes. Bounce Back benoem ik al vroeg in het jaar zelfs tot de mooiste release van 2017. Eind vorige maand neemt ze een 2 Meter Sessie op. Toegankelijk voor publiek. Helaas kan ik daar niet bij zijn, maar de opnames staan gelukkig sinds gisteren online. Terwijl ik haar website aan het bekijken ben, kom ik er ineens achter dat ik de release van een nieuwe single gemist heb. You Live Inside My Heart. Het is ten tijde van Let Your Hands Be My Guide opgenomen. Samen met Nils Frahm, Shahzad Ismaily en Gyda Valtysdottir. Toen niet uitgebracht. In het interview met Jan Douwe Kroeske geeft ze aan dat Arms Up High voor haar een heel belangrijk nummer is. Ze schrijft het tijdens het sterfbed van haar vader. You Live Inside My Heart klinkt bijna als het onvermijdelijke vervolg daarop. Wellicht de reden dat het nooit op de plaat terecht is gekomen. Bijna Ambient openend en eindigend. Dankzij de pianoklanken van Nils Frahm. Ertussenin zwelt het volume langzaam aan. Ondertussen zingt Chantal Acda bijna hypnotiserend slechts de titel van het nummer. Om de luisteraar vervolgens in stilte achter te laten. De stilte die haar continu inspireert tot het schrijven van nieuwe liedjes. You Live Inside My Heart is in al haar eenvoud een prachtige compositie.

Aldous Harding – Horizon


In 2015 brengt singer-songwriter Aldous Harding haar titelloze debuut uit. Op Lyttleton Records. Een klein label in Nieuw Zeeland. De akoestische gitaar vormt de basis voor de meeste nummers op de plaat. Hier en daar wordt het palet aangevuld met strijkers en subtiele elektronika. Haar muziek is het best te omschrijven als indringende Folk met een duister randje. Zowel desolaat als warm klinkend. Mede dankzij de teksten. Geen wonder dat ze de aandacht weet te trekken van het illustere label 4AD, met als uiteindelijk resultaat een contract om een nieuw album uit te brengen. Als voorproefje op haar tweede release brengt ze twee weken geleden de single Horizon uit. De basis van deze compositie is dit keer niet de akoestische gitaar, maar de piano. De akkoorden vormen een langzaam repeterend fundament. Later subtiel aangevuld met elektronika om de akkoorden nog meer indruk te laten maken. Een mooie basis voor de prachtige stem van Harding, die aantoont dat haar vocalen sinds het debuut volwassen zijn geworden. Met haar zang weet ze de luisteraar direct te grijpen. Op indrukwekkende wijze vertelt ze haar verhaal. Voordragen is misschien een beter woord. Ze brengt aangename contrasten aan door met haar stem te laveren tussen lieflijk en donker. Op sommige momenten roepen de vocalen herinneringen op aan een jonge Stevie Nicks. Op andere momenten hoor je de geest van Lamb’s Lou Rhodes terug. Ze heeft echter vooral iets eigens, waardoor ze in een ingetogen compositie als Horizon van begin tot het eind weet te boeien. Na haar debuut is deze single de overtreffende trap. Het doet uitzien naar die tweede plaat.

Pumarosa – Priestess


Pumarosa komt uit London. Oorspronkelijk bestaand uit twee leden, maar ondertussen vanwege de tour al uitgebreid naar vijf personen. Alhoewel amper een jaar geleden opgericht, weten ze recentelijk hoge ogen te scoren met de release van hun single Priestess. In de alternatieve charts van The Hype Machine bereiken ze zelfs de eerste plaats. Zangeres Isabel Munoz-Newsome geeft aan dat het nummer geïnspireerd is door haar zus Fernanda. In het verleden staat ze altijd samen met haar urenlang op de dansvloer. Fernanda heeft van dat dansen nu haar beroep gemaakt. Als choreografe. Geen wonder dat ze gezamenlijk de hoofdrol spelen in de bijbehorende video. Dan Carey is verantwoordelijk voor de productie. Eerder werkt hij al samen met Bat For Lashes. Priestess is een swingend nummer geworden dat zonder problemen de brug weet te slaan tussen heden en verleden. Het nummer kent een zorgvuldige opbouw. Een monotone soundscape wordt aangevuld met een swingende baslijn, waarna de vocalen en een voorzichtige beat de spanning verder opschroeven. Dankzij het ritme en de zang denk je meteen aan zowel Siouxsie & The Banshees als aan Savages. Als in het middenstuk een mooie saxofoon wordt toegevoegd komen herinneringen aan de funky Post-Punk van Medium Medium naar boven borrelen. De gitaarpartijen hebben wel wat weg van Arcade Fire. Zelf noemt de band hun muziek industrial en spiritual. Mede dankzij het hypnotiserende middenstuk, een treffende typering. Met Priestess slaat Pumarosa ruim zeven minuten lang de spijker op zijn kop. Een mooi debuut.