Kaipa – Vittjar


Soms doet de Progressive Rock haar naam eer aan. Waar vele bands opgesloten zitten in de schijnbaar vastomlijnde kaders van het genre, weet het Zweedse Kaipa deze muziekstroming weer eens wakker te schudden. Middeleeuwse elementen en Keltische invloeden, die ook regelmatig in de muziek van Mike Oldfield zijn terug te vinden, geven hun sound iets extra’s waar je vooral enthousiast van wordt. Kaipa klinkt als een nieuwe, verfrissende band. Bezig om zich een plek te veroveren in het muzikale landschap. Niets is minder waar. Kaipa ontstaat namelijk al in het midden van de jaren zeventig. Roine Stolt, die later furore zal gaan maken met The Flower Kings, vormt samen met Hans Lundin de kern van de band. Twintig jaar geleden houden ze het voor gezien, maar aan het begin van deze eeuw besluiten ze weer bijeen te komen. Allemaal dankzij de hernieuwde belangstelling voor hun muziek. Vittjar is sindsdien alweer het zesde album. Ondanks de leeftijd van de heren, klinken ze als een stel jonge honden. Ze zijn net zo verfrissend als Spock’s Beard tijdens de eerste jaren van hun carrière. Keyboards krijgen de ruimte om te excelleren. Gitaarsolo’s geven extra melodie aan de composities. In de wat langere nummers zijn de tempowisselingen uiteraard aan de orde van de dag. Het geheel is echter op een dusdanige manier verpakt, dat het altijd melodieus en herkenbaar blijft. Treasure House zou zelfs als single uitgebracht kunnen worden, als ze iets aan de lengte van de track doen. Hier en daar hoor je invloeden van Yes terug, maar door het frivole en spontane karakter van Kaipa’s klanken kun je ze niet verwijten dat ze zijn blijven hangen in het format van de Symfo. En dat is, voor een muziekstroming die al vele malen dood is verklaard, een enorm pluspunt.

Plaats een reactie