Interpol – El Pintor


Op het hoogtepunt van de revival van de Post-Punk zet Interpol twaalf jaar geleden de standaard. Opvolger Antics trekt deze lijn door. Iets verfijnder en minder donker. Op Our Love To Admire wordt de band volwassen zonder de invloeden vanuit de Post-Punk helemaal te verloochenen. Na het vertrek van bassist Carlos Dengler brengen ze het wat saaie en stuurloze Interpol uit. De toekomst van de band lijkt er niet rooskleurig uit te zien. Met El Pintor nemen ze wraak. De urgentie van de eerste twee albums lijkt nieuw leven ingeblazen te zijn. Eerste single All The Rage Back Home toont dat meteen aan. Ingetogen startend om vervolgens in alle hevigheid los te barsten. Met een hoofdrol voor het herkenbare gitaarwerk van Daniel Kessler. De band heeft besloten om Dengler niet te vervangen. Paul Banks hanteert voortaan de bas. Een dappere, maar logische keuze. Hij is tenslotte ook verantwoordelijk voor het baswerk op zijn eigen platen. El Pintor is geen herhaling van zetten. Natuurlijk klinkt het allemaal zeer vertrouwd, maar je kunt beter spreken van een nieuwe start. Dankzij een noodgedwongen reorganisatie. Met een verfrissend elan. Zo horen we bariton Banks in My Blue Supreme falsetto zingen. Iets dat hij in de achtergrondvocalen van Everything Is Wrong nog eens herhaalt. Anywhere is van een dusdanig niveau dat je zelfs van het beste nummer in jaren kunt spreken. De Post-Punk van Interpol lijkt op El Pintor wat meer nadruk te leggen op de Punk. Een Rustpuntje zoals Leif Erikson ontbreekt. Het doet niets af aan de kwaliteit van dit album. Turn On The Bright Lights. Interpol is terug.

Plaats een reactie