I.M. Mick Karn


Het komt zelden voor dat ik echt geraakt word door het overlijden van een muzikant. Daarvoor is de afstand toch vaak te groot. De eerste keer dat ik gegrepen word door de dood van een artiest is als Adrian Borland van The Sound zelfmoord pleegt. Zojuist lees ik het bericht op Facebook dat Mick Karn zijn strijd tegen kanker verloren heeft. Meteen heb ik de behoefte om zijn muziek te horen. Om een of andere reden kom ik uit bij Burning Bridges van Japan. De band waarmee het allemaal begint. De ontroering is oprecht, waarschijnlijk gevoed door het feit dat het hier om een generatiegenoot gaat. Met zijn muziek ben ik opgegroeid en word ik muzikaal volwassen. Mick Karn ken ik in eerste instantie vooral van Japan, waar hij opvalt door de introductie van blaasinstrumenten en de fretloze bas. Hij weet zich een unieke manier van spelen eigen te maken. Hierdoor hoor je vaak meteen dat hij het is. Na het uiteenvallen van de groep werkt hij samen met Peter Murphy van Bauhaus onder de noemer Dalis Car. Ook brengt hij met Midge Ure van Ultravox de single After A Fashion uit. Zijn collega’s van Japan verliest hij echter niet uit het oog. Op zijn tweede plaat, Dreams Of Reason Produce Monsters, levert David Sylvian een vocale bijdrage. Met Jansen en Barbieri brengt hij veelal instrumentale muziek uit. Nog eenmaal komen ze als band bij elkaar onder de naam Rain Tree Crow. De laatste jaren is Mick echter vooral solo actief en brengt hij veel avantgardistisch werk uit. Soms net iets te ingewikkeld en te moeilijk voor de minder geoefende luisteraar, maar op elk album zijn er wel wat juweeltjes terug te vinden. Met een dubbel gevoel zet ik mijn persoonlijke favoriet The Beard In The Letterbox op, afkomstig van het album Bestial Cluster.

Plaats een reactie