
Opener Blood Beech maakt het meteen duidelijk. Het nieuwe album E.A.R. van Kashmir is een beauty. Deze band uit Denemarken demonstreert al enkele jaren dat ze het in zich hebben om te blijven groeien. Iedere release wordt beter en consistenter, met als voorlopige hoogtepunt Trespassers uit 2010. Op E.A.R. leggen ze de lat opnieuw een stukje hoger. Waar ze met hun vorige plaat een breder publiek proberen aan te boren, zonder de eigen identiteit te verloochenen, lijkt het alsof ze zich op E.A.R. vooral gericht hebben op het uitbrengen van een plaat die het meest recht doet aan hun muziek. Het levert een afwisselend geheel op waar melancholie en dynamiek hoogtij vieren. Het instrumentale Trench biedt halverwege een spannend intermezzo. Purple Heart laat horen dat ze het nog niet verleerd zijn om aanstekelijke deuntjes met diepgang te creëren. Ook het experiment wordt niet geschuwd. Pedestals zorgt voor een combinatie van Noise en Ambient. Vol spanning. Halverwege opgefrist met een elektronische beat en de typerende vocalen van Kasper Eistrup. Een subtiele piano ondersteunt het geheel. Uitmondend in de kenmerkende, uptempo kwetsbaarheid. Toewerkend naar een hoogtepunt dat uit de Post-Rock lijkt te zijn geïmporteerd, om vervolgens toch weer gas terug te nemen. Via keyboards en synthesizers wordt continu een intrigerende basis gelegd, die nooit storend op de voorgrond treedt. Alsof de toetsenist een workshop heeft gevolgd bij Richard Barbieri. E.A.R. biedt vele pareltjes, waarmee de band demonstreert dat de rek er nog lang niet uit is.