En Toen Was Het Stil


Het is bijna nooit stil. Overal is geluid. Zelfs als je denkt in een stiltegebied te zitten, hoor je in de verte het ruisen van de snelweg of het geluid van een vliegtuig hoog boven je. Kunnen we nog wel tegen stilte, vraag ik me af. Overal waar je komt, staat muziek aan. Als achtergrondbehang. Muziek die je vaak niet eens mooi vindt. In de wachtstand aan de telefoon. In de supermarkt. Op het werk. Zelfs in de lift. Terwijl ik in mijn geheugen zoek naar stille momenten, schieten me slechts voorbeelden te binnen waarin ook ik die sereniteit doorbreek. Op een camping in the middle of nowhere. Lekker naar muziek luisteren via de koptelefoontjes van de iPod. Me afsluitend voor de stilte. Er slechts naar kijkend. Ook thuis in de achtertuin vaak hetzelfde ritueel. In plaats van te genieten van de relatief stille buitengeluiden. Associatief schieten me de tijdstippen te binnen dat ik juist wel geniet van de klanken van de natuur. Bladeren die dankzij een zomers briesje hun karakteristieke, meerstemmige zang produceren. Het typische geluid van een stormachtige wind die de kale bomen dreigend laat zingen. Vogels die in koor de geruisloosheid wegfluiten. Schijnbare kalmte. Vanavond wordt het echt stil. Doodstil. Voor twee minuten. Dodenherdenking. Zolang als ik het me kan herinneren, ga ik daar speciaal voor zitten. De deuren dicht. De televisie aan. De iPod ver weg. De stereo uit. Twee minuten lang stil zijn. Het geluid staat extra hard, zodat je de stilte kunt horen. Twee minuten lang hoor je hoe een menigte op De Dam zwijgt. Soms onderbroken door een kuch uit het publiek. Of door een verdwaalde duif. Stilte. Oorverdovend. Uit respect.

Tekst: Luistertips
Fotografie: Whitevalley

Plaats een reactie